Welkom op PokemonRPG.nl, de grootste Pokemon RPG van de Benelux. Nog geen account? Registeer hier.

Book: Chapter 2


PokemonRPG Forum Creatief Forum Book: Chapter 2
1121x bekeken

Let op: je kunt alleen een bericht verzenden wanneer je online bent.


< 1 >

Trainer750
19-09-2019, 20:25
Hier is Chapter 2.
Als je Chapter 1 nog niet hebt gelezen, doe dat eerst, van snap je teminste waar dit over gaat :)
Dit is trouwens een MINI-SERIES. De tijd hoort wat sneller te gaan.
Enjoy :D


‘Is dit echt? Of is dit gewoon omdat ik zo moe ben?’ vraag ik mezelf in mijn hoofd. Ik moet bijna overgeven van de spanning. Aan het einde van de hall staat Ben, mes in de hand, tegen een andere man te vechten. Ben is helemaal bebloed, bezweet en ziet er erg wit uit. Zonder erover na te denken gooi ik mijn tas naar de zijkant en ren in naar Ben. ‘Niet doen!’ roept hij. Niet doen?! Waarom zou ik mijn stief-vader niet helpen terwijl hij met een vreemdeling aan het vechten is?! Ik luister niet naar hem. Wanhopig kijk ik naar links en rechts, zoekend naar een wapen. Aan de rechterkant, aan de muur, hangt een spiegeltje met een klein tafeltje. Hairspray. Prima. Ik loop naar de man en trek met volle kracht aan zijn schouder, en spray zijn hele gezicht onder. Haha, was dat maar zo. In werkelijkheid ging het iets anders. Ik trok met volle kracht aan zijn schouder, maar wat ik zag was niet wat ik verwacht had. De man had bloeddoorlopen ogen, gescheurde kleding en een blik van moord in zijn ogen. Plotseling maakt hij een bijt beweging richting mijn gezicht. Uit reflex mep ik hem op zijn kaak, en struikel achterover. De man wil net in de aanval gaan, totdat hij ineens stilstaat, en voorover valt. Ik schrik en kruip naar achter. Achteraf was er niks te vrezen, hij had een steekwond in zijn rug. Ben heeft me gered. Hij steekt zijn hand uit en trekt me omhoog. ‘Doe dat nooit meer.’ zegt hij in een kalme en bezorgde stem. ‘Er was iets mis met die man, heb je dat gezien?’ vroeg ik. Hij knikte. ‘Waar zijn moeder en Chase?’ vraag ik hem. ‘Binnen in de woonkamer.’ antwoord hij, terwijl hij draait en de woonkamer binnenloopt. Ik loop hem achterna. Ik loop naar het midden van de kamer en Ben gaat met de rug naar de deur staan. Ik kijk om me heen. In de woonkamer zitten mijn moeder en Chase, in de hoek van de bank bang naar ons te staren. Overal ligt bloed en dingen die zijn omgegooid. Terwijl ik vraag: ‘Wat is hier gebeurd?’, kijk ik naar links door het raam. Buiten liggen een paar lichamen. ‘Met hoeveel mensen was deze groep?’ vraag ik mezelf af. Ik kijk iets beter en zie dat een van de lichamen, het lichaam van Frank, onze achterbuurman is. Deed hij hier ook aan mee? ‘Wat hier aan de hand is, zijn mensen die terug komen na de dood.’ verteld Ben op een gefrustreerde manier. ‘Zombies?’ ‘Ja, soort van. Het is niet alleen dat. Deze ‘’zombies’’ gedragen zich anders als de normale zombies. Deze hebben een stuk snellere reflexen en snellere beweging, en ook veel slimmer.’ zegt Ben. ‘De ene zijn sneller als de andere. Die van daarnet was een snelle. De enige manier om ze te stoppen is door hun brein te doden.’ Mijn moeder, Cait, staat op en loopt naar me toe. Ze geeft me een knuffel, zeggend: ‘Het is fijn om te weten dat je in orde bent.’ zegt ze. ‘Het is goed, mam. Ik ben oké.’ sus ik haar. Ineens hoor ik Chase, die al de hele tijd niks heeft gezegd, heel erg hard naar adem snakken. Vervolgens steekt hij zijn vinger op richting het raam. Nu heb ik ook de neiging om naar adem te snakken. Buiten, door onze poort, stroomt een groep slome zombies naar binnen, richting onze achterdeur. ‘Shit, die zit niet op slot!’ roept Ben. Net op het moment dat hij naar de achterdeur wilt rennen, staat de zombie van eerder op en valt Ben aan. ‘Ben had hem natuurlijk in zijn ruk gestoken, niet zijn brein!’ denk ik bij mezelf, maar het is al telaat. De zombie grijpt hem vast en bijt in de zij van zijn maag. ‘Ben!’ roep ik. Hij kreunt, en uit reflex geeft hij de zombie een elleboog in zijn gezicht. Daarna zie ik hem de grip op zijn mes verbeteren, en ramt het mes zo hard als hij kan aan de bovenkant van het hoofd van de zombie. Het lichaam van de ondode man valt neer op de grond, terwijl mijn moeder in horror toekijkt. ‘Ben…’ begint ons mam. ‘Chase, je moet nu echt uit je veilige droomwereld komen. We moeten nu gaan.’ zegt Ben. ‘Cait, neem Chase en Dylan naar een veilige plek.’ ‘Zal ik doen…’ zegt Cait snikkend. Hij draait zich om en kijkt mij aan. ‘Dylan… Zorg voor je moeder en broertje.’ zegt hij. Ik kan hem niks meer doen als beloven, maar ik ga mijn uiterste best doen om mijn belofte na te komen. ‘Zal ik doen… pap.’ Er vormt een glimlach op Ben’s gezicht. Ineens horen we het geluid van brekend glas. Die zombies zijn aangekomen! ‘Ga, nu!’ beveelt Ben ons. ‘Nee lieverd, je kan gewoon mee. Misschien hebben ze wel een tegengif! Ja een tegengif! Kom op lieverd..’ smeekt moeders. Ben loopt naar mijn moeder en ze delen nog een afscheidskus. ‘Je weet dat het al telaat is voor mij…’ antwoord hij haar. ‘En nu gaan. Anders is het straks telaat.’ Ik, Chase en mijn moeder, Cait, lopen de naar de gang. Cait kijkt nog een keer om, en zit Ben, met zijn rug naar de tuin gericht staan. Hij… lacht. Lang had hij niet te tijd om te lachen. Direct na dit oogcontact, werd hij omvergegooid door meerdere zombies. Mijn moeder gilt het uit. ‘Ben!.’ ‘Kom op mam, we moeten nu gaan, anders zijn wij dadelijk ook zombievoer!’ zeg ik haar. Ze draait zich om naar mij, tranen in haar ogen, en zucht. ‘Oké…’ zegt ze. Op weg naar buiten, grits ik mijn rugtas en jas mee. In de rugtas zitten naast boeken, ook nog een metalen fles en wat gedroogd fruit. Vervolgens lopen ik, Chase en mijn moeder naar buiten en slaan links af. We hebben nog een laatste blik op de raam, maar veel valt er niet te zien. Ben, half levend, die probeert zombies af te weren. Bedankt voor alles Ben…


‘Mam, ik heb honger.’ zeurt Chase. ‘Dylan, is er nog gedroogd fruit?’ vraagt mijn moeder aan mij. Ik sta stil, pak de rugtas van mijn rug, en rits hem open. Een fles water, boeken en een leeg bakje plastic bakje. Het is op. ‘Uhm. Nee, sorry Chase.’ Chase kijkt met een betreurende blik naar beneden. We waren richting de supermarkt aan het lopen, om voedsel en drinken te halen. We zijn nu een half uur onderweg, en we zijn er bijna. In de verte zie ik een gebouw verschijnen. De supermarkt. ‘Chase, als je zo’n honger hebt, moet je wel als eerst bij de supermarkt aankomen!’ zeg ik speels. Chase begint met rennen en ik ren er achteraan. Expres langzamer natuurlijk. Okal is de wereld naar de grond gewerkt door deze zombies, betekent dat niet dat er geen plezier gemaakt mag worden. En aangezien Chase al zo getraumatiseerd is van de gebeurtenissen thuis, maak ik er een wedstrijdje van wie het eerst bij de supermarkt is. Zo heeft hij ook nog plezier. Na ongeveer twee minuten lang joggen kom ik aan bij de supermarkt. Chase was er al, dat wist ik zeker, maar hij was nergens te bekennen. Waar zou hij zo snel heen zijn gegaan? Toch niet de winkel in hoop ik? Ik loop om het hoekje en roep zijn naam niet al te hard. ‘Chase!’ ‘Waar ben je?’ Ineens hoor ik achter mij een gesprek gevoerd worden. Twee van de drie stemmen klinken erg bekent. Te bekent. Chase. Ik loop de terug de hoek om, en zie Chase staan. Eindelijk, gevonden! Maar hij staat daar niet alleen…

Peerman
20-09-2019, 15:19
Nice (Y)

Maccie
20-09-2019, 17:38
Spannend en leuk tegelijk! Leuk verzonnen!

Poep070
06-10-2019, 22:14
was wel leuk en spannend leuk bedacht ook;)


< 1 >

Je moet je inloggen voordat je kunt reageren. Klik hier om een account aan te maken!